Gedaan met laden. U bevindt zich op: Bevolking naar leeftijd en geslacht Bevolking

Bevolking naar leeftijd en geslacht

Gepubliceerd op 14 juli 2026 • Volgende update: juli 2027
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden

Vlaamse leeftijdspiramide heeft zware top en smalle basis

De bevolkingspiramide van het Vlaamse Gewest vertoonde op 1 januari 2026 het karakteristieke profiel van een verouderde bevolking: een zware top en een smallere basis.

De 55- tot 64-jarigen vormden de grootste leeftijdsgroep in de (13% van de totale bevolking). Het gaat om mannen en vrouwen geboren rond de jaren 1960, de babyboomjaren. Begin 2000 maakten zij nog deel uit van jongere leeftijdsgroepen en vertoonde de leeftijdspiramide een piek tussen 35 tot 39 jaar.

De leeftijdsgroepen boven 85 jaar maakten op 1 januari 2026 iets meer dan 3% van de totale bevolking uit. Daarbij waren er bijna 2.000 personen van 100 jaar en ouder. Begin 2000 lag het aandeel 85-plussers lager dan 2% van de bevolking en lag het aantal personen van 100 jaar en ouder lager dan 500.

Aan de basis van de piramide was in 2026 de leeftijdsgroep van min-5-jarigen kleiner dan de leeftijdsgroep van 5- tot 9-jarigen, die dan weer kleiner was dan de groep 10- tot 14-jarigen. Dat hangt samen met het dalend aantal geboorten in recente jaren.

Er wonen in het Vlaamse Gewest meer vrouwen dan mannen. Begin 2026 ging het om 102 vrouwen tegenover 100 mannen. Bij de oudere bevolking was het overwicht van vrouwen veel groter: 173 vrouwen tegenover 100 mannen bij de 85-plussers en 444 vrouwen tegenover 100 mannen bij de personen van 100 jaar en ouder. In 2000 lagen de verhoudingen voor de 85-plussers en de personen van 100 jaar en ouder respectievelijk op 264 en 691 vrouwen per 100 mannen.

Vlaamse bevolking vergrijst

Het aandeel van de bevolking van 67 jaar of ouder nam toe van minder dan 15% in 2000 tot meer dan 19% in 2026. Het aandeel van de bevolking jonger dan 18 jaar daalde over dezelfde periode van bijna 21% naar 19%. Ook het aandeel van de middengroep tussen 18 en 66 jaar daalde: van 65% in 2000 naar ruim 61% in 2026.

In 4 op 10 gemeenten is meer dan 20% van bevolking 67 jaar en ouder

In 2026 lag in 150 van de 285 gemeenten van het Vlaamse Gewest het aandeel 67-plussers in de totale bevolking hoger dan 20%. In 21 gemeenten lag dat aandeel lager dan 17%.

In de kustgemeenten Koksijde, Nieuwpoort, Knokke-Heist, De Haan, Middelkerke, De Panne en Blankenberge was meer dan 30% van de bevolking 67 jaar of ouder. Het aandeel 67-plussers lag het laagst in Machelen, Vilvoorde, Antwerpen, Zaventem, Drogenbos, Gent en Boom (telkens minder dan 15%).

Vergrijzing het meest uitgesproken in Vlaams Gewest

Van de 3 Belgische gewesten had het Vlaamse Gewest op 1 januari 2026 het meest verouderde bevolkingsprofiel, met een sterke vertegenwoordiging van de leeftijdsgroepen tussen 55 en 69 jaar en boven de 85 jaar, en een smalle basis van jongeren onder de 20 jaar.

De leeftijdssamenstelling in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest duidt op een jongere bevolking. De jongvolwassenen, tussen 25 en 34 jaar, vormden in 2026 de grootste groep, en ook de jongste leeftijden waren sterker vertegenwoordigd dan in de andere gewesten. De oudere leeftijdsgroepen vormden een veel kleiner aandeel van de bevolking dan in het Vlaamse Gewest.

Het Waalse Gewest zit wat betreft vergrijzing tussen het Vlaamse en het Brusselse Gewest in. De leeftijdsgroepen van 40 tot 60 jaar waren relatief groot en de top van de bevolkingspiramide was minder uitgesproken dan in het Vlaamse Gewest. Ook het aandeel jongeren was in het Waalse Gewest licht hoger dan in het Vlaamse Gewest.

Aandeel 67-plussers en 85-plussers in Vlaams Gewest op het EU-gemiddelde

Op 1 januari 2025 bedroeg het aandeel 67-plussers in het Vlaamse Gewest meer dan 19%. Dat is ongeveer even hoog als het gemiddelde voor de Europese Unie (EU27). In het Waalse Gewest lag dat aandeel iets lager (18%), in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest veel lager (11%). De hoogste

percentages 67-plussers werden genoteerd in Italië, Portugal, Bulgarije, Finland en Griekeland (telkens hoger dan 21%).

Het aandeel 85-plussers lag in 2025 in het Vlaamse Gewest en het Waalse Gewest ongeveer even hoog als het EU27-gemiddelde (telkens 3%). In het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest was dat aandeel lager (minder dan 2%). De hoogste percentages 85-plussers werden opgetekend in Italië en Griekenland (4%), terwijl Slovakije het laagste aandeel kende (lager dan 2%).

De cijfers van de EU-landen en de gewesten hebben betrekking op de . Die wijken beperkt af van de cijfers over de wettelijke bevolking. Over de gewoonlijk verblijvende bevolking zijn nog geen gegevens beschikbaar voor 2026.