Verantwoordelijke entiteit
Vlaamse Statistische Autoriteit
Metadatafiche laatste update
25-06-2026
Databron
Administratieve data van het Rijksregister. Het Rijksregister verzamelt continue deze data. Statbel heeft wettelijke toegang tot het Rijksregister. Zij bezorgen de VSA jaarlijks (rond 15 juni) een extractie voor de ontwikkeling van Vlaamse openbare statistieken.
Statistische populatie
Wettelijke bevolking van België
Variabelen
Huishoudtype:
Alleenwonende
Gehuwd paar zonder kind
Gehuwd paar met kind(eren)
Ongehuwd paar zonder kind
Ongehuwd paar met kind(eren)
Alleenstaande ouder
Ander type huishouden
Collectief huishouden
Bewerkingen
De afbakening van een huishouden is gebaseerd op het ingeschreven zijn op eenzelfde hoofdverblijfplaats in het Rijksregister. De cijfers betreffen de wettelijke situatie, deze kan afwijken van de feitelijke situatie. Zo wonen sommige jongeren bijvoorbeeld alleen of ongehuwd samen, maar blijven ze officieel bij de ouders gedomicilieerd.
Huishoudens worden opgedeeld in private en collectieve huishoudens. Collectieve huishoudens zijn: religieuze gemeenschappen, rusthuizen, weeshuizen, studenten- en werkliedenhuizen, ziekenhuizen en gevangenissen (bepaling Statbel). Alle huishoudens die niet collectief zijn, zijn private huishoudens.
Referentiepersoon van het huishouden: de persoon die het huishouden vertegenwoordigt bij de contacten met de overheid (bepaling Statbel). De aanduiding van een referentiepersoon binnen het huishouden is noodzakelijk om de positie (verwantschapsband) van elk lid binnen het huishouden tegenover deze referentiepersoon te situeren.
7 types van private huishoudens worden onderscheiden:
eenpersoonshuishouden (alleenwonende van 15 jaar of ouder)
gehuwd paar zonder inwonende kinderen (+ eventueel inwonende andere personen)
gehuwd paar met inwonend€ kind(eren) (+ eventueel inwonende andere personen)
ongehuwd paar zonder inwonende kinderen (+ eventueel inwonende andere personen)
ongehuwd paar met inwonend€ kind(eren) (+ eventueel inwonende andere personen)
eenoudergezin (+ eventueel inwonende andere personen)
overig huishoudtype: Alle huishoudens die niet zijn opgenomen in de voorgaande types zoals samenwonende broers/zussen, samenwonende vrienden, …
Kinderen van een paar of van een alleenstaande ouder zijn eigen kinderen, stiefkinderen, geadopteerde kinderen en pleegkinderen. In de indeling naar type huishouden wordt geen rekening gehouden met de leeftijd van de inwonende kinderen of met het feit dat een inwonend kind eventueel zelf een partner en/of eigen kinderen heeft.
Partners die ongehuwd samenwonen kunnen wettelijk samenwonen of feitelijk samenwonen. Wettelijke samenwoningen worden genoteerd in het Rijksregister. Partners die feitelijk ongehuwd samenwonen worden in het Rijksregister niet als dusdanig gecodeerd.
Alle beslissingsregels om de types van huishoudens te definiëren zijn uitvoerig beschreven in een Technisch rapport (Lodewijckx & Deboosere, 2008).
Sommige huishoudens bestaan uit het kerngezin (paar met of zonder inwonende kinderen; alleenstaande ouder met inwonende kinderen) met nog andere inwonende personen zoals (schoon)ouders van de referentiepersoon, schoonkinderen, kleinkinderen, andere familieleden en niet-verwanten.
Relatie tussen huishoudtype en positie van de leden binnen het huishouden
Huishoudtype | Positie binnen huishouden |
Alleenwonende |
|
Gehuwd paar zonder inwonende kinderen |
|
Gehuwd paar met inwonende kind(eren) |
|
Ongehuwd* samenwonend paar zonder inwonende kinderen |
|
Ongehuwd* samenwonend paar met inwonende kind(eren) |
|
Eenoudergezin |
|
Ander type huishouden |
|
Collectief huishouden |
|
*Strikt genomen niet-gehuwd (met burgerlijke staat ongehuwd, gescheiden of verweduwd).
Accuraatheid
Het zijn populatiedata. Er is dus geen steekproeffout. Maar de administratieve data zijn uiteraard niet foutenvrij. Foutieve en/of laattijdige registratie door het Rijksregister komt zeker voor. Een vergelijking van Stand- en Loopgegevens maakt bijvoorbeeld duidelijk dat er jaarlijks een statistische aanpassing nodig is “om de rekening te doen kloppen”. Die aanpassing is doorgaans wel beperkt. Voor 2024 bedroeg de aanpassing 801 personen voor België, op een totaal van bijna 11,7 miljoen inwoners. Dit aantal ziet Statbel als een indicatie van de hoge kwaliteit van de gegevens.
Vergelijkbaarheid
De data zijn vergelijkbaar met de andere regio’s van België. Vergelijking met andere landen is moeilijker omdat Eurostat i.p.v. de “wettelijke bevolking” de “gewoonlijk verblijvende bevolking” rapporteert. De “gewoonlijk verblijvende bevolking” (“usually resident population”), is de bevolking die op het aangegeven territorium (land/regio/gemeente) gewoonlijk verblijf houdt. De ‘gewone verblijfplaats’ slaat meer bepaald op de plaats waar een persoon normaal leeft, ongeacht tijdelijke afwezigheden om reden van recreatie, verloven, bezoeken aan vrienden of bekenden, werkomstandigheden, medische verzorging of religieuze bedevaarten. Worden enkel als gewoonlijke residenten beschouwd: 1) de personen die al langer dan 12 maanden vóór de referentietijd (1 januari van het aangegeven jaar) in de verblijfplaats leven, en 2) degenen die binnen de laatste 12 maanden vóór de referentietijd zijn gearriveerd met de bedoeling om er langer dan een jaar te verblijven (cf. Verordening (EG) nr. 862/2007 van het Europese Parlement en de Raad betreffende communautaire statistieken over migratie en internationale bescherming). Belangrijk in de Europese bepaling is dat ook de asielzoekers worden meegeteld, tenminste voor zolang ze langdurig (>12 maanden) in het ontvangstland verblijven (ingeschreven zijn) of althans de intentie daartoe hebben. In de praktijk hanteren de EU-lidstaten diverse methodes om – bij benadering – te voldoen aan de Europese bepalingen over de “gewoonlijk verblijvende bevolking” en de “internationale migraties”. Vanaf 2011 rapporteert lidstaat België aan Eurostat over de “gewoonlijk verblijvende bevolking” volgens de Europese definitie. Die telt iets meer leden dan de “wettelijke bevolking” (ongeveer 30.000 extra voor België en 10.000 extra voor het Vlaamse Gewest). De Europese statistiek mist de kwaliteit van een gesloten logisch systeem dat kenmerkend is voor de Belgische bevolkingsstatistiek. Die laatste vertoont echter een blinde vlek voor de niet-wettelijke bevolking (asielzoekers, zogenaamde ‘mensen zonder papieren’, transitmigranten, enz.)
Vergelijkbare statistieken sinds 1989 voor leeftijd, geslacht, nationaliteit en burgerlijke staat; sinds 1992 voor huishoudpositie en huishoudtype en sinds 2000 voor herkomst.
Huishoudens
Relatie tussen huishoudtype en positie van de leden binnen het huishouden
Huishoudtype | Positie binnen huishouden |
Alleenwonende |
|
Gehuwd paar zonder inwonende kinderen |
|
Gehuwd paar met inwonende kind(eren) |
|
Ongehuwd* samenwonend paar zonder inwonende kinderen |
|
Ongehuwd* samenwonend paar met inwonende kind(eren) |
|
Eenoudergezin |
|
Ander type huishouden |
|
Collectief huishouden |
|
*Strikt genomen niet-gehuwd (met burgerlijke staat ongehuwd, gescheiden of verweduwd).