Vakantiearmoede hoogst bij personen geboren buiten EU, huurders, werklozen en eenoudergezinnen
Bij een aantal bevolkingsgroepen ligt het aandeel dat zich geen week vakantie kan veroorloven hoger dan het gemiddelde in het Vlaamse Gewest. De hoogste aandelen (30% en hoger) werden in 2025 opgetekend bij personen geboren buiten de EU27 (33%), huurders (31%), werklozen (30%) en eenoudergezinnen (30%).
Vakantiearmoede in Vlaams Gewest onder EU27-gemiddelde
In 2025 lag de vakantiearmoede in het Vlaamse Gewest (13%) lager dan in het Waalse (27%) en in het Brusselse Gewest (32%). Voor België als geheel lag de vakantiearmoede in 2025 op 20%.
Cijfers voor 2025 zijn nog niet voor alle EU-landen beschikbaar.
In 2024 waren er gelijkaardige verschillen tussen de Belgische gewesten: het Vlaamse Gewest kende het laagste aandeel (15%) van de 3 gewesten. Voor zowel het Brusselse als het Waalse Gewest bedroeg de vakantiearmoede 31% in 2024.
Voor geheel België ging het in dat jaar om 21%. Daarmee lag het aandeel personen in vakantiearmoede in 2024 in België lager dan het gemiddelde van de EU27-landen (27%). In Luxemburg lag dat aandeel het laagst (9%), in Roemenië veruit het hoogst (59%).
Bronnen
- Statbel:
- Eurostat: