Gedaan met laden. U bevindt zich op: Milieu-impact van transport Milieu en natuur

Milieu-impact van transport

Gepubliceerd op 1 juli 2026 • Volgende update: juni 2027
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden

Totale milieu-impact van transport tussen 2013 en 2024 gedaald met 7%

De milieu-impact van transport in het Vlaamse Gewest nam toe tussen 2013 en 2019, nam sterk af in 2020 en daalde beperkt verder tussen 2021 en 2024. Dat blijkt uit de index ‘milieu‑impact van transport’ (MITRANS), die de totale impact van transport en transportinfrastructuur op mens, milieu en natuur in kaart brengt. Alle vervoersmodi worden meegenomen in de analyse, met uitzondering van het langzaam verkeer (voetgangers en fietsers).

De MITRANS-index is samengesteld uit 5 hoofdeffecten: hinder, biodiversiteit en habitat, luchtvervuiling, klimaatverandering en materiaalgebruik. Elk van die effecten weegt even zwaar en vertegenwoordigt 20% van de totale index. De waarde van de index wordt berekend ten opzichte van het referentiejaar 2013, dat als basiswaarde 100 krijgt. Een score boven 100 duidt op een hogere milieu‑impact dan in 2013, een score onder 100 wijst op een lagere milieu‑impact.

Tussen 2013 en 2019 steeg de MITRANS-index geleidelijk van 100 naar 104,5 (+4,5%). In 2020 volgde een scherpe daling van bijna 9% als gevolg van de coronacrisis. Sindsdien vertoont de index een licht dalend verloop. In 2024 lag de index op 92,7. Dat komt overeen met een daling van 7,3% tussen 2013 en 2024.

Enkel milieu-impact door luchtverontreiniging vertoont dalende trend sinds 2013

De stijging van de MITRANS-index tussen 2013 en 2019 was vooral het gevolg van een sterke toename van de hoofdeffecten hinder (+24%) en materiaalgebruik (+22%). Het hoofdeffect klimaatverandering nam toe tussen 2013 en 2016 (+6%) en bleef daarna grotendeels stabiel. Het hoofdeffect ‘biodiversiteit en habitat’ bleef gedurende de volledige periode nagenoeg onveranderd (‑1,4%). Luchtvervuiling was het enige hoofdeffect dat een aanhoudende daling liet zien (‑27%) tussen 2013 en 2019.

De plotse daling van de index in 2020 is voornamelijk toe te schrijven aan de coronacrisis en de bijhorende maatregelen, zoals de lockdown en het verplichte telewerk. De afname tussen 2019 en 2020 was vooral uitgesproken bij de hoofdeffecten luchtvervuiling (-19%), klimaatverandering (-14%) en materiaalgebruik (-12%). Met de versoepeling van de coronamaatregelen en het economisch herstel in 2021 werd opnieuw een beperkte stijging vastgesteld in luchtvervuiling (+4%) en klimaatverandering (+7%).

In de periode 2021–2024 zette de daling van luchtvervuiling zich verder door (‑17%), terwijl klimaatverandering (+1,4%) en materiaalgebruik (+11%) opnieuw toenamen. Hinder daalde in dezelfde periode met 17%, vooral door een sterke vermindering van geur‑ en lichthinder. Geluidshinder door transport bleef echter verder toenemen.

Over de volledige periode 2013-2024 vertonen alle hoofdeffecten, met uitzondering van luchtverontreiniging, over de jaren een licht schommelend verloop. Luchtverontreiniging daarentegen kent sinds 2013 een aanhoudende daling, met een totale afname van 49%. De sterke daling van luchtverontreiniging is deels te verklaren door veranderingen in de samenstelling van het wagenpark. Zo is er een duidelijke verschuiving van dieselvoertuigen naar minder vervuilende benzinevoertuigen. Daarnaast stoten nieuwe dieselwagens (Euro 6d en 6e) aanzienlijk minder vervuilende stoffen uit dan oudere modellen. Tot slot begint ook de elektrificatie van het wagenpark een merkbare impact te hebben, al blijft dit effect voorlopig beperkt door het nog relatief lage aandeel elektrische voertuigen in het totale wagenpark in 2024.