Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden

Bijna 85% van 25- tot 64-jarigen zijn midden- of hooggeschoold

In 2021 was 15,9% van de 25- tot 64-jarigen laaggeschoold, 38,7% middengeschoold en 45,4% hooggeschoold. Laaggeschoolden zijn personen zonder een einddiploma van het secundair onderwijs. Middengeschoolden hebben het secundair onderwijs of het postsecundair niet-hoger onderwijs met succes afgewerkt. Hooggeschoolden beschikken over een diploma hoger onderwijs.

Het aandeel laaggeschoolden daalde tussen 1999 en 2021 van 42,3% naar 15,9%. Een omgekeerde evolutie is er bij de middengeschoolden en de hooggeschoolden: in vergelijking met 1999 zijn de aandelen midden- en hooggeschoolden duidelijk gestegen, respectievelijk van 32,5% naar 38,7% en van 25,2% naar 45,4%.

Vrouwen vaker hooggeschoold dan mannen

Vrouwen zijn gemiddeld hoger geschoold dan mannen. In 2021 was 49,9% van de vrouwen hooggeschoold tegenover 40,9% van de mannen. Daartegenover staat dat 16,7% van de mannen laaggeschoold is en 15,0% van de vrouwen.

Hoe jonger, hoe vaker hooggeschoold

Zowel bij de 25- tot 34-jarigen (53,5%) als bij de 35- tot 44-jarigen (49,8%) was in 2021 ongeveer de helft hooggeschoold. Bij de 45- tot 54-jarigen was dat 43,8% en bij de 55- tot 64-jarigen 35,7%. In die laatste leeftijdsgroep was 26,1% laaggeschoold. Bij de jongere leeftijdsgroepen ligt dat aandeel duidelijk lager.

Werkenden vaker hooggeschoold, niet-beroepsactieven vaker laaggeschoold

51,5% van de werkenden tussen 25 en 64 jaar was in 2021 hooggeschoold. Bij de personen die werkloos zijn, was 35,0% hooggeschoold. Bij de niet-beroepsactieven (mensen die niet werken en die ook niet actief op zoek zijn naar een job) was dat 22,0%.

Omgekeerd was bij de werkenden 10,4% laaggeschoold. Bij de werklozen was dat 23,3% en bij de niet-beroepsactieven 37,4%.

Personen geboren buiten Europese Unie vaker laaggeschoold

In 2021 was 47,3% van de personen geboren in België hooggeschoold. Bij personen geboren in een ander land van de Europese Unie (EU27) waren dat er minder (43,9%). Bij personen geboren buiten de EU was dat 31,4%.

Omgekeerd lag het aandeel laaggeschoolden bij personen geboren buiten de EU (37,4%) duidelijk hoger dan bij personen geboren in België (13,0%) of in een ander EU-land (20,4%).

Meer hooggeschoolden in Vlaams Gewest dan gemiddeld in Europese Unie

Het aandeel hooggeschoolden in het Vlaamse Gewest (45,4%) lag in 2021 tussen dat van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (52,2%) en het Waalse Gewest (41,3%) in.

In de Europese Unie (EU27) was in 2021 gemiddeld 1 op de 3 inwoners hooggeschoold (33,4%). In het Vlaamse Gewest lag dat aandeel hoger. Er zijn op dit vlak grote verschillen tussen de EU-landen. In Ierland is ruim de helft van de bevolking (52,7%) hooggeschoold. In Italië en Roemenië ligt dat aandeel op respectievelijk 20,0% en 18,8%.