Gerechtelijke procedure bij een misdrijf
Misdrijven kunnen verschillen in ernst. Onder het nieuwe Strafwetboek wordt niet langer vertrokken van de klassieke indeling in overtredingen, wanbedrijven en misdaden, maar werkt met strafniveaus van 1 tot 8.
Nieuw strafwetboek sinds 1 september 2026
Hoe zwaarder het misdrijf, hoe hoger het strafniveau. De rechter heeft bij de lagere niveaus de keuze uit verschillende soorten straffen. Bij de lichtste misdrijven van niveau 1 is geen gevangenisstraf mogelijk. De zwaarste misdrijven vallen onder de hoogste strafniveaus.
De strafzaak wordt behandeld door de bevoegde rechtbank. Welke dat is hangt af van het soort misdrijf. Dat kan de politierechtbank, de correctionele rechtbank of het Hof van Assisen zijn.
Voorbeelden van misdrijven zijn onder meer:
- openbare dronkenschap
- verkeersinbreuken
- diefstal
- misbruik van vertrouwen
- oplichting
- ecocide
- slagen en verwondingen
- discriminatie
- verkrachting
- moord
De toepasselijke procedure en de bevoegde rechtbank hangen af van de aard en de ernst van de feiten en van de wettelijke straf die erop staat.
Opstart strafprocedure
Om die misdrijven te bestraffen, kan er op verschillende manieren een strafprocedure worden opgestart:
- De politie kan op eigen initiatief een misdrijf vaststellen of iemand op heterdaad betrappen. De politie maakt daarvan een proces-verbaal op en stuurt dat naar het openbaar ministerie, ook wel het parket genoemd.
- Iedereen kan een klacht indienen bij de politie of rechtstreeks bij het parket.
- Een slachtoffer kan zich als benadeelde persoon laten registreren of zich in bepaalde gevallen
in burgerlijke partij stellen in handen van de onderzoeksrechter. - Een benadeelde kan de vermoedelijke dader in bepaalde gevallen rechtstreeks voor de bevoegde rechtbank dagvaarden en zich burgerlijke partij stellen.
Het strafonderzoek
Ter voorbereiding van een eventueel proces vindt er een strafonderzoek plaats. Dat strafonderzoek dient:
- om bewijzen op te sporen
- om een strafdossier samen te stellen.
De wet voorziet in twee manieren om een strafdossier aan te leggen:
- het opsporingsonderzoek, onder leiding van de procureur des konings
- het gerechtelijk onderzoek, onder de verantwoordelijkheid van de onderzoeksrechter.
De raadkamer ziet toe op het verloop van het gerechtelijk onderzoek. Beroep aantekenen kan bij de kamer van inbeschuldigingstelling. Ze worden de onderzoeksgerechten genoemd. Zo zal de raadkamer op regelmatige tijdstippen beslissen of de voorlopige hechtenis gehandhaafd wordt.
Zodra het gerechtelijk onderzoek beëindigd is, beslist de raadkamer welk gevolg eraan wordt gegeven.
- Verder onderzoek: het dossier gaat terug naar het parket.
- Buiten vervolging stellen: er zijn onvoldoende bewijzen.
- Voldoende bezwaren:
- de raadkamer verwijst de inverdenkinggestelde naar de correctionele rechtbank bij een wanbedrijf
- de raadkamer start de procedure van inbeschuldigingstelling op bij een misdaad die voor het assisenhof moet berecht worden.
- De raadkamer kan zich in volgende gevallen zelf uitspreken over de schuld van de verdachte:
- bij internering
- bij een opschorting van de uitspraak.
Het strafproces
Een strafproces vindt plaats voor de bevoegde rechtbank. Afhankelijk van de aard en de ernst van de feiten en van de toepasselijke procedure kan dat de politierechtbank, de correctionele rechtbank of het hof van assisen zijn. Misdaden, zoals moord, worden voor het hof van assisen gebracht.
Op een strafproces zijn verschillende personen aanwezig:
- de parketmagistraat geeft zijn mening over de schuld van de verdachte en de op te leggen straf.
- de beklaagde of beschuldigde (assisenproces) die zich kan laten bijstaan door een advocaat.
- de slachtoffers, vaak aanwezig op het een strafproces als burgerlijke partij, om een schadevergoeding te krijgen. Ook zij kunnen zich laten bijstaan door een advocaat.
Het verloop van een strafproces
- De strafrechter ondervraagt de beklaagde en hoort de eventuele getuigen en deskundigen.
- De burgerlijke partij legt haar schadeclaim voor.
- Het parket vordert een straf of maatregel.
- De verdediging van de beklaagde houdt haar pleidooi.
- De voorzitter van de rechtbank spreekt na de sluiting van de debatten het vonnis uit of houdt de zaak in beraad. De uitspraak volgt dan op een latere zitting. Bij een assisenproces spreekt een volksjury zich uit over de schuld of de onschuld van een beschuldigde.
Het vonnis
De rechtbank kan tot verschillende uitspraken komen. Ook rechtspersonen kunnen een straf opgelegd krijgen.
- De vrijspraak: als de beklaagde onschuldig wordt bevonden.
- De schuld is bewezen.
Oordeelt de rechtbank dat de schuld bewezen is, dan zijn er verschillende mogelijkheden: een vrijheidsbeperkende straf, een vrijheidsbenemende straf of een vermogensstraf.
- Bij een geldboete kan de rechter rekening houden met de financiële draagkracht van de veroordeelde.
De rechter kan ook een werkstraf, probatiestraf of straf onder elektronisch toezicht opleggen. Een justitieassistent begeleidt de veroordeelde bij de uitvoering.
De rechtbank kan ook een bijkomende straf opleggen, zoals intrekking van het rijbewijs, de ontzetting uit bepaalde rechten, een plaats-of contactverbod of de terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank.
Omzetten van een straf
Een vrijheidsstraf kan door de strafuitvoeringsrechtbank worden omgezet
in elektronisch toezicht via enkelband,
in beperkte detentie of
een voorwaardelijke invrijheidsstelling.
Uitstel
De strafrechter kan in de gevallen waarin de wet dat toelaat ook beslissen om de uitvoering van een straf volledig of gedeeltelijk uit te stellen.
Aan dat uitstel kunnen probatievoorwaarden worden verbonden. Dan gaat het om probatie-uitstel. Dan moet de veroordeelde gedurende een proeftijd algemene en bijzondere voorwaarden naleven. De rechter bepaalt die voorwaarden in het vonnis. Een justitieassistent begeleidt de veroordeelde bij de uitvoering van de voorwaarden. De probatiecommissie volgt de uitvoering op.
Internering
De rechtbank kan ook beslissen tot internering als de voorwaarden daarvoor vervuld zijn. Dat kan wanneer iemand ontoerekeningsvatbaar is en de wet toelaat dat een beveiligingsmaatregel wordt opgelegd. Een geïnterneerde kan later onder voorwaarden worden vrijgesteld op proef.
Na de uitspraak
Na de uitspraak kunnen de partijen de gerechtelijke beslissing aanvechten.
- Een beklaagde die afwezig was terwijl de zaak werd behandeld, en ‘bij verstek’ werd veroordeeld, kan onder bepaalde voorwaarden verzet aantekenen.
- Wie de zaak een tweede keer behandeld wil zien, door een hogere rechtbank, kan hoger beroep aantekenen. De burgerlijke partij kan alleen beroep aantekenen tegen een vrijspraak of tegen de beslissing over de schadevergoeding.
- Tegen een definitieve uitspraak kan een voorziening in cassatie worden ingesteld. Dat is enkel mogelijk als de rechter de wet verkeerd heeft toegepast of als er procedurefouten zijn gemaakt.