In Vlaanderen staan we voor een gedeelde samenleving, waarin democratisch burgerschap centraal staat en er plaats is voor verschillende ideologieën, denkbeelden en levensovertuigingen, zolang ze niet oproepen tot haat en geweld.
Vlaanderen wil met haar beleid in de eerste plaats voorkomen dat personen gewelddadig radicaliseren, en signalen voor gewelddadige radicalisering zo vroeg mogelijk detecteren. Daarmee is het Vlaamse beleid in de eerste plaats een preventief beleid. Voor wie tot geweld overging voert Vlaanderen een curatief beleid.
Achtergrond
Het woord radicalisering valt in onze huidige samenleving haast niet meer weg te denken. Toch is het belangrijk om voorzichtig met het woord om te springen. Zonder radicalisme zouden we geen vrije pers, geen parlementaire democratie, geen rechtsstaat, geen egalitaire samenleving of geen vrouwenstemrecht hebben. Ze zijn pas werkelijkheid geworden omdat de eerste ‘historische radicalen’ ervoor gestreden hebben.
Het doel van het beleid is bijgevolg drieledig, waarvan de eerste twee sporen preventief zijn en het laatste spoor curatief:
Via gepaste maatregelen en acties die schadelijke polarisatie bestrijden, wordt voorkomen dat Vlaamse burgers zodanig radicaliseren dat zij bereid zijn het gebruik van geweld te aanvaarden.
Via tijdige detectie en opvolging wordt voorkomen dat burgers overgaan tot het gebruik van geweld.
Met gewelddadig geradicaliseerde burgers wordt getracht tot disengagement te komen en recidive te voorkomen. Het beleid voor de preventie van gewelddadige radicalisering, extremisme, terrorisme en schadelijke polarisatie richt zich uitdrukkelijk niet op het tegengaan van alle vormen van polarisatie. Integendeel. Ideologische of thematische polarisatie zijn het kenmerk van een gezonde democratische werking, waarin via debat en botsing van ideeën nieuwe waarden en spelregels ingang kunnen vinden.
Dit beleid focust daarom enkel op schadelijke polarisatie waarbij er sprake is van een groeiende sociaal-emotionele afstand, een groeiend wantrouwen en een verscherping van tegenstellingen tussen groepen in de samenleving. Dat brengt de sociale veiligheid in gevaar.
Het Vlaamse beleid focust op de verscheidenheid van vormen van gewelddadige radicalisering en extremisme.
Vaak worden die verschillende vormen benoemd als religieus-extremisme (meer bepaald vanuit salafistische en islamistische hoek), rechts-extremisme en links-extremisme. Die indeling blijkt meer en meer achterhaald. We evolueren steeds meer naar mengvormen. Daarnaast zijn er ook nieuwe vormen, zoals klimaatextremisme of extremistisch nihilisme. Het beleid legt daarom de focus op extremisme in haar verschijningsvormen, zonder die verschijningsvormen te categoriseren.
De Vlaamse overheid zorgt voor een goede coördinatie en afstemming, zowel binnen Vlaanderen als met de federale, Europese en internationale regelgeving en context.
Binnen Vlaanderen werkt dit beleid gebiedsdekkend: gewelddadige radicalisering, extremisme en terrorisme zijn niet enkel stedelijke fenomenen, maar kunnen zich voordoen in alle gemeenten. Het lokale niveau is dus een essentiële schakel. Vlaanderen werkt daarom nauw samen met de lokale overheden.
Op Vlaams niveau werkt ABB samen met alle beleidsdomeinen, via het Vlaams Platform Radicalisering.
Regelgeving
Beleid
- Actuele analysePDF • 10,6MB
- Conceptnota
- Actieplan van 3 april 2015
- Geactualiseerde actieplan van 2 juni 2017
- Eerste rapportage bij het actieplan (oktober 2015)
- Tweede rapportage bij het actieplan (april 2016)
- Derde rapportage bij het actieplan (oktober 2016)
- Vierde rapportage bij het actieplan (december 2017)
- Vijfde rapportage bij het actieplan (juni 2018)
- Zesde rapportage bij het actieplan (december 2018)
- Zevende rapportage bij het actieplan (mei 2020)