Gedaan met laden. U bevindt zich op: Inkomen (volgens de nationale rekeningen) Inkomen en armoede

Inkomen (volgens de nationale rekeningen)

Gepubliceerd op 13 februari 2026 • Volgende update: februari 2027
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden

Beschikbaar inkomen per inwoner daalde reëel met 0,8% in 2024

Het bedroeg 30.500 euro per inwoner in het Vlaamse Gewest in 2024. Dat was 0,8% lager dan in 2023. Het gaat om het reële beschikbare inkomen, wat wil zeggen dat de bedragen uitgedrukt worden in prijzen van 2024, om rekening te houden met inflatie. De daling is te wijten aan het wegvallen van de steunmaatregelen naar aanleiding van de energiecrisis en de toename van geldstromen naar het buitenland.

Tussen 1995 en 2024 nam het reële beschikbaar inkomen per inwoner toe met 21%. Die toename was niet gelijkmatig over heel de periode. Het reële beschikbaar inkomen daalde in 1996, tussen 2002 en 2004, tussen 2010 en 2013, in 2022 en laatst ook in 2024.

Lonen belangrijkste component van primair inkomen

Het primair inkomen is het inkomen gebaseerd op arbeid en kapitaal. De vormen het belangrijkste deel van het primair inkomen (75% in 2024). Het aandeel van de lonen in het primair inkomen nam toe van 74% in 2004 tot 76% in 2014, maar daalde 10 jaar later terug wat.

De tweede belangrijke component van het primair inkomen is het netto-inkomen uit vermogen, met een aandeel van 11% in 2024. Dat is lager dan in 2004 (13%).

Het gemengd inkomen (verdiensten van zelfstandigen en ondernemers) bedroeg 9% van het primair inkomen in 2024. Dat aandeel wijzigde niet veel sinds 2004.

Het exploitatieoverschot, ten slotte, bestaat voornamelijk uit reële en toegerekende huurinkomsten en vormt met 5% de kleinste post van het primair inkomen. Dat aandeel nam licht toe sinds 2004.

Belastingen belangrijkste sociale correctie

Het primair inkomen wordt door sociale correcties afgeroomd of bijgesteld om te komen tot het beschikbaar inkomen. De belastingen zijn de belangrijkste sociale correctie. In 2024 bedroegen deze 49,4 miljard euro.

De netto sociale uitkeringen (uitkeringen in het kader van werkloosheid, ziekte, pensioenen… verminderd met sociale premies ten laste werkgevers, doorbetaling loon ingeval ziekte…) waren in 2024 goed voor een positief bedrag van 5 miljard euro. In 2024 droeg deze post positief bij tot het beschikbaar inkomen, terwijl in 2004 en 2014 een groter bedrag af ging voor sociale uitkeringen dan dat erbij kwam.

Onder netto overige inkomensoverdrachten worden uitkeringen verstaan voor schade, prijzengelden, stakingsgelden verminderd met schadeverzekeringspremies en boetes. Deze post roomde 3,2 miljard euro af van het primaire inkomen.

De sociale correcties samen vertegenwoordigden in 2024 een bedrag van 47,5 miljard euro. Dat zorgde voor een totaal beschikbaar inkomen van 208,7 miljard euro.

Beschikbaar inkomen hoogst in het arrondissement Veurne

Het arrondissement Veurne kende in 2024 het hoogste beschikbaar inkomen per inwoner (34.600 euro), gevolgd door de arrondissementen Brugge (33.500 euro) en Leuven (33.000 euro). Ook de andere arrondissementen in de omgeving van Brussel en het arrondissement Gent en omgeving scoorden hoog, wat voor een stuk samenhangt met de pendel van en naar de hoofdstad. Het beschikbaar inkomen per inwoner was in 2024 het laagst in de Limburgse arrondissementen Maaseik en Tongeren en in het arrondissement Antwerpen (tussen 27.000 en 29.000 euro).

Beschikbaar inkomen in Vlaams Gewest hoog in vergelijking met EU-landen

Het beschikbaar inkomen per inwoner bedroeg 23.100 euro in het Vlaamse Gewest in 2022 uitgedrukt in (KKS). In geheel België kwam dat op 21.700 euro KKS. Het beschikbaar inkomen per inwoner lag lager in het Waalse en Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (19.900 en 19.700 euro KKS).

Het Vlaamse Gewest scoort hoog in vergelijking met de landen van de Europese Unie (EU). Enkel Luxemburg (27.900 euro KKS), Oostenrijk en Duitsland (24.200 en 24.100 euro KKS) hadden een hoger inkomen per inwoner in 2022. De Oost-Europese lidstaten noteerden het laagste inkomen per inwoner, met als hekkensluiter Bulgarije (12.000 euro KKS). Daarmee was het beschikbaar inkomen per hoofd in het rijkste land (Luxemburg) 2,3 keer hoger dan in het armste land (Bulgarije). Maar dit verschil neemt af: in 2008 was dat nog 4,3 keer hoger.