Gedaan met laden. U bevindt zich op: Vertrouwen in Europese instellingen Relatie overheid en burger

Vertrouwen in Europese instellingen

Gepubliceerd op 2 juni 2026 • Volgende update: maart 2027
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden
Inhoud is aan het laden

Ruim helft van bevolking heeft vertrouwen in Europees Parlement en Europese Commissie

In de lente van 2026 gaf 55% van de bevolking van het Vlaamse Gewest van 15 jaar en ouder aan eerder vertrouwen te hebben in het Europees Parlement en in de Europese Commissie en 61% in de Europese Centrale Bank. Daartegenover staat dat 41% van de inwoners aangaf eerder geen vertrouwen te hebben in het Europees Parlement en de Europese Commissie en 34% eerder geen vertrouwen in de Europese Centrale Bank.

Tussen 2005 en 2014 was er een daling van het vertrouwen in de 3 Europese instellingen. Daarna nam het vertrouwen weer toe met een piek voor het Europees Parlement in 2018 en voor de Europese Centrale Bank in 2020. Sindsdien kent het vertrouwen in de Europese instellingen een variabel verloop.

Vertrouwen in EU-instellingen in Vlaamse Gewest vergelijkbaar met EU-gemiddelde

In de lente van 2026 lag het vertrouwen in de Europese instellingen binnen België het laagst bij de inwoners van het Waalse Gewest en het hoogst bij de inwoners van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest. Dat is het geval bij zowel het Europees Parlement, de Europese Commissie als de Europese Centrale Bank.

Het vertrouwen in het Europees Parlement lag in het Vlaamse Gewest op een vergelijkbaar niveau als het EU27-gemiddelde. Het vertrouwen in de Europese Commissie en de Europese Centrale Bank lag hoger in het Vlaamse Gewest. Binnen de Europese Unie lag het vertrouwen hoger in Portugal en een aantal Scandinavische landen zoals Denemarken en Zweden. Het vertrouwen lag lager in Frankrijk, Slovenië en Griekenland.