Bron

Statistiek Vlaanderen-bevraging (SV-bevraging), Statistiek Vlaanderen

Definities

De algemene levenstevredenheid werd gemeten aan de hand van de volgende vraag in de vragenlijst:

“Hoe tevreden bent u over uw leven in het algemeen? U kan antwoorden met een score van 0 (heel ontevreden) tot 10 (heel tevreden).

De respondenten kregen hierbij een schaal te zien waarbij 0 als “heel ontevreden” werd gelabeld en 10 als “heel tevreden”. Men had ook de mogelijkheid te antwoorden met “weet niet/geen antwoord”.

In het najaar van 2021 werd ook gevraagd naar de tevredenheid over verschillende levensaspecten. Die vraag werd niet opgenomen in de editie van het voorjaar 2022, maar zal wel opnieuw opgenomen worden in de editie van het najaar 2022.

De gegevens kunnen opgedeeld worden naar onder meer geslacht, leeftijd, huishoudpositie en onderwijsniveau. Bij onderwijsniveau gaat het om volgende groepen:

  • laaggeschoolden: personen zonder diploma of hoogstens een diploma lager secundair onderwijs
  • middengeschoolden: personen met hoogstens een diploma hoger secundair onderwijs of met een diploma post-secundair niet-hoger onderwijs
  • hooggeschoolden: personen met een diploma hoger of universitair onderwijs.

Op basis van de woonplaats van de respondenten kunnen de gegevens worden ingedeeld naar provincie en urbanisatiegraad. Bij de urbanisatiegraad wordt een opdeling gemaakt in 6 groepen gemeenten: grootsteden, centrumsteden, stedelijke rand, kleinere steden, overgangsgebied en platteland. Deze indeling is gebaseerd op het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, waarbij enerzijds enkele categorieën zijn samen genomen in ‘kleinere steden’ en anderzijds het buitengebied op basis van het Strategisch Plan Ruimtelijke Economie is opgesplitst in ‘overgangsgebied’ en ‘platteland’.

Opmerkingen bij de kwaliteit

De gepresenteerde gegevens zijn schattingen gebaseerd op de resultaten van de Statistiek Vlaanderen-bevraging (SV-bevraging). Dat is een bevraging die een aantal keer per jaar wordt afgenomen bij de inwoners van 18 jaar en ouder van het Vlaamse Gewest. De bevraging peilt naar opvattingen, overtuigingen en gedragingen van de bevolking met betrekking tot maatschappelijke en beleidsrelevante thema’s.

Per bevraging worden 6.000 personen op een toevallige manier geselecteerd uit het Rijksregister. De SV-bevraging is een zogenaamde ‘mixed mode’-bevraging. Dat betekent dat de respondenten de vragenlijst op verschillende manieren kunnen invullen. De geselecteerde personen worden eerst per brief uitgenodigd om de bevraging online in te vullen. De vragenlijst wordt zo opgesteld dat hij makkelijk in te vullen is via de smartphone (‘mobile first’-design). Wie niet online deelneemt, krijgt een schriftelijke vragenlijst in de bus. De combinatie van een online en papieren vragenlijst zorgt ervoor dat ook personen die geen of onvoldoende digitale toegang hebben, mee worden opgenomen in de bevraging.

De hier gepresenteerde resultaten zijn gebaseerd op de 4de editie van de SV-bevraging die werd afgenomen in het voorjaar van 2022 (tussen mei 2022 en juli 2022). Aan deze editie namen 2.094 personen deel. Afgezet tegenover de initiële steekproef van 6.000 personen komt dat overeen met een responsgraad van 34,9%. De vraag over algemene levenstevredenheid werd eerder ook al opgenomen in de 2de editie van de SV-bevraging die werd afgenomen in het najaar van 2021. Aan die bevraging namen 1.718 personen deel. Afgezet tegenover de initiële steekproef van 6.000 personen komt dat overeen met een responsgraad van 28,6%.

Omwille van de onvermijdelijke verschillen in de respons naar achtergrondkenmerken wordt de uiteindelijke steekproef gewogen voor de berekening van de resultaten. Dat houdt in dat men de ondervertegenwoordigde groepen meer laat doorwegen, terwijl de groepen die oververtegenwoordigd zijn minder gewicht krijgen. Op die manier worden de verhoudingen tussen de verschillende doelgroepen in de uiteindelijke steekproef hersteld en in overeenstemming gebracht met het steekproefkader. Zo bekomt men een representatieve steekproef voor de beoogde doelpopulatie. Bij de weging van de SV-bevraging wordt rekening gehouden met volgende 5 achtergrondkenmerken: geslacht, leeftijd, opleidingsniveau, nationaliteit (Belg/niet-Belg) en urbanisatiegraad.

Bij de interpretatie van de resultaten van de SV-bevraging moet rekening gehouden worden met een onzekerheidsmarge. Die onzekerheidsmarge is groter naarmate de steekproef waarop de cijfers berekend worden, kleiner is.

Bij de presentatie van de resultaten wordt de evolutie van de totaalscore en de verschillen naar achtergrondkenmerken van het meest recente jaar in beeld gebracht (zoals naar geslacht, leeftijd, huishoudpositie, opleidingsniveau, provincie en urbanisatiegraad). Om te beoordelen of er sprake is van een statistisch significant verschil tussen de totaalscores van verschillende jaargangen of de scores van verschillende groepen binnen een bepaald achtergrondkenmerk (bijvoorbeeld tussen mannen en vrouwen) wordt gebruik gemaakt van de Cramer’s V-test. Als de bijhorende p-waarde kleiner is dan 0,050 wordt het verband als significant beschouwd. In de figuren wordt dat aangegeven door de staven een blauwe kleur te geven.

De resultaten van de SV-bevraging zijn omwille van de gewijzigde methode niet vergelijkbaar met de resultaten van de Survey ‘Sociaal-culturele verschuivingen in Vlaanderen’ (SCV-survey) die vanaf 1996 tot en met 2018 jaarlijks werd afgenomen door de Studiedienst van de Vlaamse Regering en later door Statistiek Vlaanderen. Bij de SV-bevraging gaat het om een ‘mixed mode’-bevraging (online en op papier), bij de SCV-survey ging het om een ‘face-to-face’-bevraging (met interviewers aan huis).

Referenties

Statistiek Vlaanderen: SV-bevraging

Naar de statistiek

Lees deze pagina in: