Totale loonkosten 3% hoger in 2026
De totale worden in het Vlaamse Gewest voor 2026 geraamd op 176 miljard euro. Dat is 3% meer dan in 2025, in . De loonmassa nam de voorbije jaren onafgebroken toe. Enkel in 2020 zorgde de Covid-19-crisis voor een terugval van de economische activiteit. Daardoor lagen de betaalde lonen in 2020 minder hoog dan in 2019.
Loonkost per eenheid verbeterde sinds 2010
De (LEP) wordt in het Vlaamse Gewest voor 2026 geraamd op 0,61. De LEP is de verhouding van de verloning van werknemers en zelfstandigen tot de . Hoe lager de loonkost per eenheid product, hoe gunstiger dat is voor de competitiviteit.
De LEP nam toe in het conjunctureel zwakke jaren 2012 en 2013. Tussen 2014 en 2016 daalde de LEP beperkt onder invloed van betere economische groeicijfers. Tussen 2017 en 2020 nam de LEP opnieuw toe, vooral in 2020 door de terugval van de economische activiteit als gevolg van de Covid-19-crisis. Het economische herstel in 2021 en 2022 zorgde voor een lagere LEP. Maar in 2023 en 2024 steeg de LEP opnieuw. In 2025 was er dan weer een lichte verbetering die stabiliseerde in 2026. Op langere termijn (sedert 2010) is er een verbetering van de Vlaamse LEP.
De LEP ligt in het Vlaamse Gewest lager dan in het Brusselse Hoofdstedelijke en Waalse Gewest.
Loonkost per eenheid product in industrie en energiesector lager dan in marktdiensten
De industrie en energiesector en de marktdiensten zijn 2 belangrijke economische hoofdsectoren voor de concurrentiekracht. De LEP lag in de industrie en energiesector in 2026 op een lager niveau dan in de marktdiensten. In de voorafgaande jaren was dat ook zo. In 2026 bedroeg de LEP in de industrie en energiesector 0,52 en in de marktdiensten 0,58.
Vlaamse loonkost per eenheid product lager dan in de buurlanden
De LEP lag in het Vlaamse Gewest in 2024 op een lager niveau (en was dus gunstiger) dan gemiddeld in onze 3 buurlanden Duitsland, Frankrijk en Nederland. Dit zijn ook onze belangrijkste handelspartners. Een lagere LEP is gunstiger voor de concurrentiekracht. De LEP lag in het Vlaamse Gewest al sinds 2014 lager en die gunstige positie versterkte zich verder in de daaropvolgende jaren.
De verhouding van de Vlaamse LEP tot de gemiddelde LEP van de 3 buurlanden kwam in 2024 op 0,95. Een verhouding lager dan 1 is gunstig voor het Vlaamse Gewest. De verhouding bedroeg 0,88 in de industrie- en energiesector en 0,93 in de marktdiensten. Het concurrentievoordeel was dus groter in de industrie- en energiesector dan in de marktdiensten.
Bronnen
- HERMREG-databank: