Vervoerregioraad

Elke vervoerregio heeft een vervoerregioraad die de invulling van basisbereikbaarheid bewaakt, stuurt en evalueert in die vervoerregio.

In de vervoerregioraad komen de belangrijkste stakeholders uit alle bestuursniveaus samen. Alle gemeenten uit de regio zijn rechtstreeks vertegenwoordigd, meestal door de burgemeester of de schepen van Mobiliteit. Het Departement Mobiliteit en Openbare Werken heeft de regierol. De andere betrokken Vlaamse mobiliteitsactoren zijn het Agentschap Wegen en Verkeer, De Lijn en De Vlaamse Waterweg. Ten slotte participeren ook NMBS, Infrabel, het Departement Omgeving, de Mobiliteitscentrale Aangepast Vervoer en de provincie in de raad. De vervoerregioraad wordt voorgezeten door een politieke voorzitter van een van de toebehorende gemeenten én een voorzitter van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.

De vervoerregioraad wordt de cockpit voor het mobiliteitsbeleid in de vervoerregio. Niet alleen het openbaar of het collectieve vervoer, ook de voor- en natrajecten met (deel)fiets, (deel)auto en alle andere vervoersmodi worden gefaciliteerd. Daarnaast buigt de vervoerregioraad zich ook over de infrastructuur (wegen, fietswegen, …) en het goederenvervoer binnen de regio.

De vervoerregioraad zal een mobiliteitsplan opstellen voor de hele regio en dat plan ook opvolgen en evalueren. De vervoerregioraad zal het vervoer op maat organiseren en andere strategische projecten adviseren en opvolgen.

Geïntegreerd mobiliteitsplan

Een vervoerregioraad staat in voor de opmaak van een geïntegreerd regionaal mobiliteitsplan.

Het regionaal mobiliteitsplan legt de globale mobiliteitsvisie voor een langere termijn vast voor de vervoerregio, en dat voor alle vervoersmodi. Dat plan doet onder andere uitspraken over de belangrijke mobiliteitsuitdagingen van de regio, tekent het openbaar vervoersnetwerk uit en stelt maatregelen voor de verbetering van de doorstroming, de verkeersveiligheid en het fietsbeleid voor. 

Methodiek

Om het regionaal mobiliteitsplan op te bouwen, heeft het Departement Mobiliteit en Openbare Werken een methodiek (PDF bestand opent in nieuw venster) uitgetekend aan de hand van de Europese SUMP-richtlijnen. Die bestaat uit vier opmaakfasen:

  • Oriënteringsfase: inventarisatie en onderzoek
  • Planopbouw: opbouw strategische visie en operationele doelstellingen
  • Actieplan: uitwerking van het beleidsscenario
  • Evaluatie en monitoring

Inhoudelijke accenten

De inhoudelijke invulling van het regionaal mobiliteitsplan zal specifiek zijn voor elke vervoerregio. Verschillende thema’s kunnen aan bod komen: verkeersveiligheid, deelsystemen, de link met het ruimtelijk beleid, de ondersteuning door ITS, werken rond innovatieve logistieke concepten, …