Gedaan met laden. U bevindt zich op: Erkenningsprocedure Erediensten en kerken

Erkenningsprocedure

De Vlaamse Regering erkent in Vlaanderen de lokale geloofsgemeenschappen en hun respectievelijke gebiedsomschrijving van de 6 erkende erediensten in België. Lokale geloofsgemeenschappen moeten een procedure volgen om erkend te worden.​​​​​​

  • Stap 1

    Erkenningsaanvraag bij het representatief orgaan

    De lokale geloofsgemeenschap die erkend wil worden, moet overeenkomstig het samenwerkingsakkoord, een erkenningsaanvraag indienen bij het representatief orgaan. Enkel dat orgaan oordeelt of de lokale geloofsgemeenschap tot de erkende eredienst behoort.

    Het representatief orgaan meldt de ontvangst van een erkenningsaanvraag aan het Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB) binnen de 8 dagen via het Loket voor Lokale Besturen. Zo weet ABB welke lokale geloofsgemeenschappen erkend willen worden. Het representatief orgaan kan de erkenningsaanvraag later zelf aan ABB bezorgen.

  • Stap 2

    Bezorging erkenningsaanvraag aan ABB

    Het representatief orgaan bezorgt de erkenningsaanvraag aan ABB via het Loket voor Lokale Besturen. Enkel aanvragen van het representatief orgaan worden behandeld en zijn ontvankelijk.

    Het representatief orgaan vult het aanvraagformulier volledig in. De erkenningsaanvraag bevat de volgende documenten en gegevens:

    • de identificatie van de lokale geloofsgemeenschap: de naam en de denominatie van de lokale geloofsgemeenschap
    • in voorkomend geval de huidige juridische structuur, de naam, het adres, de statuten en het nummer van de Kruispuntbank van Ondernemingen
    • de gebiedsomschrijving, namelijk de duidelijke aanwijzing van het territoriale werkingsgebied van de lokale geloofsgemeenschap: de naam van de gemeente(n) of van de delen ervan
    • de vermelding van de financierende overheid en in voorkomend geval een voorstel van verdeelsleutel van de kosten tussen de financierende overheden
    • het adres van de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst
    • het adres van alle andere infrastructuur die de lokale geloofsgemeenschap gebruikt
    • de voor- en achternaam, adres, rijksregisternummer, e-mailadres, telefoonnummer, nationaliteit, geboortedatum en geslacht van de leden van het voorlopig bestuursorgaan en voor elk van hen, een uittreksel uit het strafregister, conform artikel 596, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, dat niet ouder is dan negentig dagen (model 596.2).
    • de leden van het voorlopig bestuursorgaan ondertekenen een schriftelijke verklaring op eer waarin ze zich ertoe verbinden de erkenningscriteria, vermeld in artikel 7, en de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, na te leven.
  • Stap 3

    Kennisgeving aan betrokken actoren

    ABB brengt volgende actoren binnen 30 dagen op de hoogte van de ontvangst van de aanvraag:

    • het voorlopig bestuursorgaan
    • het representatief orgaan
    • de financierende overheid
    • de federale overheid Justitie
    • voor islamitische of orthodoxe besturen van de eredienst: de adviserende gemeente.
  • Stap 4

    Wachtperiode

    Een lokale geloofsgemeenschap kan pas worden erkend na een wachtperiode van 4 jaar. De wachtperiode start vanaf het moment dat het representatief orgaan de erkenningsaanvraag bezorgd heeft aan ABB.

    Het vierjarig traject

    • biedt de lokale geloofsgemeenschappen de nodige tijd om zich te conformeren aan de erkenningscriteria en zich grondig voor te bereiden op de verplichtingen die vanaf de erkenning rusten op een bestuur van de eredienst.
    • biedt de overheid ook de gelegenheid om de werking van de lokale geloofsgemeenschap gedurende een aantal jaren nauw op te volgen en te ondersteunen. Het maakt dat de minister over alle nodige informatie zal beschikken om te kunnen beslissen over de toekenning van de erkenning aan een lokale geloofsgemeenschap. Tijdens het erkenningstraject wordt de naleving van deze verplichtingen gecontroleerd door de Informatie-en Screeningsdienst (ISD) die ook de nodige ondersteuning zal bieden aan de lokale geloofsgemeenschap om aan de verplichtingen te kunnen voldoen.

    Het representatief orgaan, de financierende overheid en in voorkomend geval de adviserende gemeente bezorgen op 2 momenten formeel advies aan de minister :

    • Uiterlijk 22 maanden na de start van de wachtperiode: tussentijds advies over de mate waarin de lokale geloofsgemeenschap voldoet aan de erkenningscriteria en de volledigheid van de erkenningsaanvraag.
    • Uiterlijk 60 dagen voor het einde van de wachtperiode: eindadvies over de vraag of de lokale geloofsgemeenschap voldoet aan de erkenningscriteria en de volledigheid van de erkenningsaanvraag.

    Bij de verlenging van de wachtperiode wordt opnieuw advies gevraagd aan het representatief orgaan, de financierende overheid en in voorkomend geval de adviserende gemeente. De minister bepaalt de adviestermijn.

    Het behoort tot de autonomie van de gemeenteraad of de provincieraad om zelf een advies te geven of deze adviesbevoegdheid uitdrukkelijk te delegeren aan het college of de deputatie. Zonder regeling hierover behoort de adviesbevoegdheid tot de volheid van bevoegdheid van de gemeente- of provincieraad. Zowel het college van burgermeester en schepenen als de deputatie hebben enkel toegewezen bevoegdheden.

    Overeenkomstig het samenwerkingsakkoord geeft de federale overheid Justitie een veiligheidsadvies en begrotingsadvies binnen 4 maanden vanaf de ontvangst van het verzoek. De ISD adviseert gedurende de wachtperiode van 4 jaar en in voorkomend geval verlengde wachtperiode de minister over de erkenning van de lokale geloofsgemeenschap.

    Bij tekortkomingen aan de erkenningscriteria of verontrustende evoluties binnen de lokale geloofsgemeenschap brengen de adviserende actoren de ISD hiervan onmiddellijk op de hoogte.

  • Stap 5

    Beslissing omtrent erkenning

    De minister beslist ten laatste 60 dagen na het einde van de wachtperiode over de erkenning. Binnen dezelfde termijn brengt ABB het voorlopig bestuursorgaan, het representatief orgaan, de federale overheid Justitie, de financierende overheid en in voorkomend geval de adviserende gemeente op de hoogte van de beslissing. De minister kan volgende beslissingen nemen:

  • Stap 6

    Oprichting bestuur van de eredienst

    Als de lokale geloofsgemeenschap erkend is, wordt een bestuur van de eredienst opgericht. Dat is een openbare instelling met rechtspersoonlijkheid. Hierna moet een voltallig bestuursorgaan aangesteld worden. Zonder bestuursorgaan heeft het bestuur van de eredienst geen bestuur of vertegenwoordiging.

    Het representatief orgaan stelt het voltallige bestuursorgaan aan binnen 30 dagen na de kennisgeving van de beslissing tot erkenning. De bedienaar van de eredienst of de vervanger is van rechtswege lid van het bestuursorgaan, uitgezonderd bij de rooms-katholieke eredienst. Daar stelt het representatief orgaan een verantwoordelijke aan die van rechtswege lid is. Hoe de eerste aanstelling gebeurt, behoort tot de autonomie van het representatief orgaan. Alle leden voldoen aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden.

    Het bestuursorgaan organiseert vervolgens een vergadering met volgende agendapunten:

    Het bestuursorgaan schrijft nadien het bestuur van de eredienst in bij de Kruispuntbank van Ondernemingen door contact op te nemen met kbo-bce-cult@economie.fgov.be(opent in uw e-mail applicatie).

    Na deze vergadering bezorgt het bestuursorgaan volgende gegevens aan ABB:

    • voor- en achternaam, adres, rijksregisternummer, e-mailadres, telefoonnummer, nationaliteit, geboortedatum en geslacht van de bedienaars van de eredienst en hun vervangers;
    • voor- en achternaam, adres, rijksregisternummer, e-mailadres, telefoonnummer, nationaliteit, geboortedatum en geslacht van de leden van het bestuursorgaan, de mandaten en wie tot welke helft behoort;
    • voor- en achternaam, adres, rijksregisternummer, e-mailadres, telefoonnummer, nationaliteit, geboortedatum en geslacht van het lid van rechtswege;
    • adres van de zetel van het bestuur van de eredienst;
    • KBO-nummer van het bestuur van de eredienst.