Bron

Eurostat, Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming

Definities

De leerling-leerkracht-ratio (pupil teacher ratio) geeft het aantal voltijds equivalenten van leerlingen weer per voltijds equivalent bezoldigd onderwijzend personeelslid. Naast het voltijds en deeltijds gewoon onderwijs zitten ook het buitengewoon onderwijs en het volwassenenonderwijs in de cijfers vervat. Voor de personeelsgegevens moet erop gewezen worden dat al het onderwijzend personeel (budgettaire voltijds equivalenten) opgenomen is. Zo zitten er personeelsleden in de cijfers die geen klasleerkracht zijn, bijvoorbeeld taakleerkrachten. Ook personeelsleden die zorgen voor vervangingen worden in de basisgegevens opgenomen. De Vlaamse cijfers volgen daarmee de OESO-instructies over de reikwijdte van de begrippen en hun definities over leerkrachten. De ratio geeft dus geen beeld van de gemiddelde klasgrootte, maar is eerder een investeringsindicator.

Naar de statistiek