Beleidskader

Een van de doelstellingen van het Vlaams Energie- en Klimaatplan 2021-2030 (VEKP), dat in 2019 werd goedgekeurd, was om tegen 2030 de broeikasgasemissies in de niet-ETS sectoren te reduceren met 35% ten opzichte van 2005. Op 5 november 2021 besliste de Vlaamse Regering om een pakket bijkomende maatregelen goed te keuren, waardoor de ambitie in het VEKP 2021-2030 wat betreft de reductie van verder opgeschroefd werd tot -40% tegen 2030 (t.o.v. 2005).

Plan en doelstellingen

Het VEKP 2021-2030 omvat verschillende doelstellingen:

  • De emissiereductie van 40% in 2030 (t.o.v. 2005) slaat op alle sectoren behalve de zware industrie, de energieproductie en de luchtvaart. Deze sectoren vallen immers onder het , waarvoor geen nationale emissiereductie doelstellingen opgelegd worden. In Vlaanderen worden geen bijkomende maatregelen opgelegd voor deze sectoren. De nationale doelstelling die vanuit Europa aan België werd opgelegd in het kader van de Effort Sharing Regulation, doorgaans de niet-ETS sectoren genoemd, moet behaald worden in de sectoren (weg)transport, gebouwen, landbouw, lichte industrie en de afvalsector. Het is dus voor deze sectoren dat Vlaanderen de broeikasgasemissies wil reduceren met -40% tegen 2030 (ten opzichte van 2005).
  • Lidstaten moeten ook rapporteren over de LULUCF-sector (Land use, land use change and forestry), de sector die kan zorgen voor netto verwijderingen van CO2 uit de atmosfeer door vastlegging van koolstof in biomassa (hout, planten) en bodem. In deze sector wordt het no-debit principe als nationale doelstelling gehanteerd: de koolstofvoorraad moet behouden blijven per lidstaat. Elke actie in de sector die ervoor zou zorgen dat de absorbtiecapaciteit in de LULUCF-sector zou dalen, moet dus gecompenseerd worden met een gelijkwaardige actie in de LULUCF-sector (bv. bebossing).
  • Daarnaast bevat het VEKP ook doelstellingen om energie te besparen en om hernieuwbare energie op te wekken.
Broeikasgasreductie in de niet-ETS sectorenReductie van -40% in 2030 ten opzichte van 2005
Doelstelling LULUCF-sectorVoor de periode 2021-2030voldoen aan de no-debit rule
Energiebesparing

Max. finaal energiegebruik 275,24 TWh (cfr. Art 3 EED)

Besparing van 87,891 TWh (cfr. Art 7 EED)
Hernieuwbare energieProductie van 28.512 GWh in 2030

Binnen de Europese Unie worden broeikasgassen verdeeld in drie categorieën, aan de hand van de sector waarin deze worden uitgestoten.
In de boekhouding van broeikasgassen worden emissies onderverdeeld in drie categorieën. ETS-emissies, niet-ETS-emissies en LULUCF-emissies (en opslag).

Coördinatie, verantwoordelijkheden en monitoring

Er bestaan binnen de Vlaamse overheid concrete afspraken rond de coördinatie, verantwoordelijkheid voor implementatie en monitoring van de vooruitgang van het VEKP.

Participatie

Er wordt maximaal beroep gedaan op de expertise van stakeholders doorheen het hele beleidsproces (van beleidsvoorbereiding tot en met beleidsimplementatie). Van elke entiteit binnen de Vlaamse overheid wordt verwacht dat zij stakeholderoverleg organiseren rond de maatregelen uit het VEKP die aan hen zijn toegewezen. Het VEKA heeft hierin een voorbeeldrol, en organiseert haar stakeholderoverleg in de eerste plaats via de zogenaamde ‘Stroomgroepen’.

Het VEKA heeft wat betreft stakeholderoverleg een dubbele rol:

  • de rol van verantwoordelijke entiteit voor de implementatie van de toegewezen VEKP-maatregelen;
  • de rol als coördinerende entiteit voor het VEKP. Dit vertaalt zich in drie Inhoudelijke Stroomgroepen en twee Overkoepelende Stroomgroepen.

De Stroomgroepen zoals ze anno 2022 worden georganiseerd, zijn bedoeld als overlegforum voor de energie- en klimaatthema’s tussen de energie- en klimaatadministratie en het brede middenveld. Het doel is om input te verzamelen aangaande nieuwe beleidsvoorstellen enerzijds, en feedback aangaande de implementatie van besliste maatregelen anderzijds. Aanvullend kan het overleg ook opgevat worden als een platform waar stakeholders ook zelf onderwerpen kunnen aandragen en ideeën/voorstellen presenteren ter discussie.

Adviezen

De Vlaamse Regering wordt voor de uitwerking van het energie- en klimaatbeleid in Vlaanderen geadviseerd door een specifiek daartoe opgericht Opvolgpanel VEKP. Daarnaast worden de belangrijkste middenveldorganisaties en belangengroepen ook betrokken via de strategische adviesraden.