Een ontstaat bij elke onderbreking of dikteverandering in de isolatieschil of waar twee scheidingsconstructies samenkomen. De isolatieschil is het geheel van alle voorkomende isolatielagen die het omhullen. Er bestaan zowel lineaire als puntbouwknopen.

Als de maximale afstand van de onderbreking of dikteverandering van de isolatielaag groter is dan 40 cm is dit geen bouwknoop maar een afzonderlijke scheidingsconstructie van het verliesoppervlak.

De definitie maakt een oplijsting van de mogelijke locaties van een bouwknoop, maar geeft geen bouwfysisch oordeel over een ‘goede’ of ‘slechte’ bouwknoop.

Naargelang een bouwknoop in meer of mindere mate koudebrugarm is uitgevoerd is het een EPB-aanvaarde bouwknoop of een niet-EPB-aanvaarde bouwknoop.

Wanneer de isolatielaag niet is doorbroken, is er uiteraard ook geen bouwknoop:

Aansluiting van een kolom op een plafond zonder onderbreking van de isolatielaag (links: 3D voorstelling, rechts: 2D voorstelling)

Niet afzonderlijk in te rekenen bouwknopen

Er zijn ook een aantal situaties die wel een warmtetransport met zich meebrengen, maar die binnen EPB niet als afzonderlijke bouwknoop ingerekend moeten worden.

Meer over definitie en types bouwknopen