Nieuwsbrief Maart 2026

Biodiversiteit en stikstofreductie vragen om een systeemaanpak

In opdracht van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) brachten het INBO, ILVO en de UGent via een literatuurstudie de effecten in kaart van alternatieven voor mestinjectie. Bij mestinjectie wordt vloeibare mest met een machine via sleuven direct in de bodem aangebracht. Onderzochte alternatieven waren onder meer verschillende uitrijtechnieken en de behandeling van de mengmest. Ook het gebruik van stalmest of compost en de teelt van grasklaver werd bekeken. Uit de studie blijkt dat geen enkele techniek of alternatief alle milieuproblemen onder alle omstandigheden simultaan minimaliseert.

De centrale boodschap is dat we ons niet blind mogen staren op één enkele techniek. Om stikstofverliezen echt te beperken en de biodiversiteit waar mogelijk te sparen, werkt een integrale aanpak door de landbouwer het best. Het draait om het totaalplaatje: de kwaliteit van de mest, een doordacht rantsoen voor het vee, zorgvuldig bodembeheer en een precieze timing. Kortom, een landbouwer die zijn volledige bedrijfssysteem optimaliseert — door in te zetten op meer begrazing, grasklaver, een goede koolstofopbouw en het gebruik van lichtere machines op de juiste momenten — bereikt méér voor biodiversiteit en het beperken van stikstofverliezen dan wie enkel focust op technologie.

Karoline D’Haene (ILVO), Kurt Sannen, Georges Hofman (UGent)

Meer lezen: Het effect van alternatieven van mestinjectie op stikstofverliezen en biodiversiteit bij grasland

Beeld boven: mestinjectie (Shutterstock)

Opgelet

  • {{validation.errorMessage}}