Publicatiedatum: 19/06/2026
In 2023 is het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) in werking getreden. We vergelijken de trends van soortgerichte beheerovereenkomsten met 2020 omdat 2021 en 2022 overgangsjaren waren tussen 2 GLB-periodes.
De stijging van botanisch beheer zet zich verder in 2026 en de oppervlakte ligt daarmee bijna driemaal hoger dan in 2020. De daling sinds 2023 van de andere overeenkomsten is gekeerd. Ondanks de lichte stijging ligt de oppervlakte van bufferen en verbinden toch nog bijna 20% lager dan in 2020. Voor soortenbescherming is dat 45% lager.
Figuur 1: natuurgerichte beheerovereenkomsten
Figuur 2: aanplant (t/m 2015 hierin vervat) en onderhoud KLE
Deze indicator toont de evolutie van de oppervlakte van cultuurgrond met natuurgerichte beheerovereenkomsten.
Landbouwers kunnen vrijwillig vijf jaar durende beheerovereenkomsten sluiten met de Vlaamse overheid om extra inspanningen te doen voor de natuur en het landschap. In die overeenkomsten staan maatregelen die verdergaan dan het naleven van wettelijke randvoorwaarden en bestaande regelgeving.
De beheerovereenkomsten voor bufferen en verbinden beoogen het bufferen en verbinden van kwetsbare natuurelementen, het verbinden voor soorten (zoals vleermuizen) en het voorzien van nectar en pollen voor bestuivers.
Het onderhoud van kleine landschapselementen (KLE’s) dient voor het onderhoud van houtige landschapselementen. Er zijn verder aparte categorieën voor soortenbescherming en het botanisch beheer van waardevolle graslanden.
Botanisch beheer is in 2026 toegenomen met 387 ha en de oppervlakte ligt 288% hoger dan in 2020. De ontwikkeling van dominant grasland en grassenmix zijn het populairst.
We zien in 2026 een redelijke stijging in soortenbescherming (+358 ha t.o.v. 2025, maar -45% t.o.v. 2020). Soortenbescherming wordt enkel gesloten in gebieden die daarvoor aangeduid zijn. Akkervogelmaatregelen zijn het populairst. Het gaat hierbij om faunaranden (875 ha), wintervoedsel (881 ha) en faunagewas (264 ha). Graslandbeheer voor weidevogels gebeurt op 896 ha.
Er is in 2026 een redelijke stijging in de beheerovereenkomsten voor bufferen en verbinden (+417 ha t.o.v. 2025, maar toch nog -17% t.o.v. 2020). Ruim de helft van de oppervlakte diende voor de aanleg en onderhoud van kruidenrijke akkerranden.
De aanleg en onderhoud van houtige kleine landschapselementen wordt betoelaagd op twee manieren. De aanleg is een niet productieve investering die betoelaagd wordt uit het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF). Het gaat om investeringen die bijdragen aan het verhogen van de biodiversiteit, een verbeterd waterbeheer en het verminderen van erosie. Het onderhoud is een beheerovereenkomst waarvoor de landbouwer een jaarlijkse vergoeding ontvangt. De lengte aan (kap)hagen en heggen met vergoeding is circa 4 procent hoger dan in 2020. De oppervlakte van houtkanten met vergoeding is bijna 40 procent lager dan in 2020. Het onderhoud van knotbomen (niet opgenomen in figuur) is verviervoudigd ten opzichte van 2020.
Publicatiedatum: 19/06/2026
De oppervlaktes worden berekend aan de hand van de contractuele dimensies en doormiddel van GIS-overlay met bepaalde gebiedsinformatie. De jaarlijkse cijfers uit bovenvermelde dataset worden vervolgens uitgezet in grafiek.
Het gaat om een momentopname. De contracten en dus ook de brondata zijn onderhevig aan (kleine) wijzigingen.
Broncode indicator: beheerovereenkomsten.Rmd
Broncode metadata: metadata_beheerovereenkomsten.Rmd
| Beschrijving | Gegevens | Metadata |
|---|---|---|
| Beheerovereenkomsten | beheerovereenkomsten_data.csv | beheerovereenkomsten_data.yml |
| Lengte kleine landschapselementen (KLE) | lengte_kle.csv | lengte_kle.yml |