Indicator in de kijker ‘Omvang van ecosystemen’
Het INBO lanceerde een gloednieuwe natuurindicator: Omvang van ecosystemen. De indicator toont hoe de oppervlakte van onze ecosystemen veranderde tussen 2016 en 2022. Met deze indicator sluit het INBO aan op de verplichting om deze nieuwe milieueconomische rekening driejaarlijks te rapporteren aan Eurostat. Milieueconomische rekeningen zijn statistieken die overheden gebruiken voor de monitoring en sturing van hun economisch beleid. Ze bevatten informatie over o.a. de omvang, de kwaliteit en de diensten van ecosystemen. De indicator laat een duidelijke trend zien: een afname van graslanden en een toename van woongebieden en andere kunstmatige gebieden.
Graslanden vervullen verschillende functies, met name op het vlak van biodiversiteit, voedselvoorziening, klimaat en waterhuishouding. Het verlies van graslanden heeft dan ook directe gevolgen voor de biodiversiteit, de milieubuffering, de lokale waterhuishouding en de landbouw.
Tussen 2016 en 2022 ging er netto 11.100 hectare grasland verloren. Wat gebeurde met die verdwenen oppervlakte? Die werd grotendeels ingenomen door bijkomende ruimte voor huisvesting, industrie en handel, transport en recreatie. Dit zogenaamde 'ruimtebeslag' groeide met bijna 9.200 hectare. Over deze tijdspanne ging het over zo'n 4 hectare per dag. Ook akkerland leverde wat terrein in. De omvang van onze bossen en andere ecosystemen bleef min of meer gelijk of toonde een lichte toename.
De cijfers komen niet als een verrassing. Bijna driekwart van de nieuwe bebouwing ging ten koste van grasland. De rest werd ingenomen van akkers en bos. Eerder onderzoek in het Natuurrapport 2020 liet al zien dat de afname van grasland en de opmars van bebouwing ook tussen 2013 en 2016 de toon zetten. De druk op onze open ruimte blijft dus hoog.