Overslaan en naar de inhoud gaan

EPC-waarde van publieke vrijetijdsgebouwen

December 2022

 

Definitie

Een energieprestatiecertificaat (EPC) is een document dat aantoont hoe energiezuinig een gebouw is, rekening houdend met de gebouwschil en de installaties. Afhankelijk van het type gebouw of het gebruik van het gebouw zijn de opmaak en inhoud van het EPC verschillend. Een EPC voor publieke gebouwen is verplicht voor gebouwen waarin publieke organisaties gevestigd zijn die aan een groot aantal personen overheidsdiensten verstrekken. Dat EPC wordt opgemaakt door een erkende energiedeskundige type C of een interne energiedeskundige en is gebaseerd op het gemeten (werkelijke) jaarverbruik van de publieke organisatie. 

Hier gaat het over publieke gebouwen die diensten leveren aan vrijetijdssectoren. Dat kunnen gebouwen zijn van: 

  • de federale overheid, inclusief de parastatalen 
  • de Vlaamse overheid, inclusief de interne en externe verzelfstandigde agentschappen 
  • de provinciale overheden 
  • de gemeentelijke overheden, inclusief OCMW's 
  • overheidsbedrijven 
  • onderwijsinstellingen 
  • welzijnsvoorzieningen
  • gezondheidsvoorzieningen 

Voor lokalen van jeugdverenigingen en -bewegingen is geen EPC vereist. 

De volgende types gebouwen uit onze sectoren kregen een EPC:

  • bibliotheken
  • cultuur- of bijeenkomstgebouwen
  • musea
  • sporthallen
  • sporthallen met zwembad
  • zwembaden

De gegevens kunnen relevant zijn voor eigenaars van verschillende types gebouwen. Zo kunnen ze zien hoe hun gebouw scoort op het vlak van energieprestatie ten opzichte van andere gelijkaardige gebouwen. Verder zijn de gegevens ook in het algemeen nuttig omdat ze een beeld geven van de algemene energieprestatie van het publieke gebouwenpark.  

Gemiddelde EPC-waarde van de publieke vrijetijdsgebouwen

De grafiek toont een weergave met de vergelijking tussen de gemiddelde EPC-waarde van de gebouwen in de basisgemeente en in de vergelijkingsgroep. Het is een schaal van EPC-waarden met intervallen van waarde 100, waarbij groen een meer positieve waarde en rood een meer negatieve waarde.

Gemiddelde EPC-waarde van de publieke vrijetijdsgebouwen per type van infrastructuur

De grafiek toont een vergelijking tussen de gemiddelde EPC-waarde van de gebouwen in de basisgemeente en in de vergelijkingsgroep, per type gebouw  van vrijetijdsinfrastructuur.

 

Bron

2017, 2021: Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEA)

 

Leveringsperiode

Februari 2022 over werkjaar 2021 

 

Vergelijkbaar in tijd

Referentiejaren 2017 en 2021 

 

Originele vraagstelling

Het EPC voor publieke gebouwen wordt opgesteld door een erkend energiedeskundige type C. Die heeft een opleiding gevolgd en een examen afgelegd. 

De energiedeskundige noteert de startwaarden van de meterstanden van elektriciteit, aardgas en stookolie, bepaalt de totale bruikbare vloeroppervlakte en licht de gebouwen door aan de hand van technische auditlijsten. Na één jaar noteert de energiedeskundige de eindwaarden van de meterstanden voor elektriciteit, aardgas en stookolie.  

De verzamelde gegevens worden vervolgens ingevoerd in een webapplicatie waarmee het EPC wordt opgemaakt.   

 

Opmerkingen

Bij gedeelde nutsmeters wordt het EPC opgesteld voor een groep van gebouwen samen, maar wordt de auditlijst doorgaans maar op een van de gebouwen ingevuld, waardoor die niet noodzakelijk representatief is voor het volledige verbruik dat gemeten werd. 

Door de coronacrisis zijn (zeker in de beginfase) misschien minder bezoeken kunnen doorgaan om EPC’s voor publieke gebouwen op te stellen. Belangrijke kanttekening daarbij is dat de algemene terugval in de vernieuwing van EPC’s voor publieke gebouwen niets met de coronacrisis te maken heeft, maar wel met de nakende overgang naar het EPC-beleid voor niet-residentiële gebouwen. 

De overgang naar het EPC voor niet-residentiële gebouwen zal in de nabije toekomst echter een grote rol spelen en het EPC voor publieke gebouwen gaandeweg vervangen. De methodiek bij EPC voor niet-residentiële gebouwen is anders dan die voor publieke gebouwen. Daarom zal men in de toekomst voorzichtig moeten zijn als men gegevens uit het EPC publiek wil vergelijken met gegevens uit het EPC niet-residentieel.